Wij gebruiken cookies om er voor te zorgen dat u onze website optimaal kunt gebruiken. Bezoekt u onze website, dan gaat u akkoord met deze cookies.
Als u klikt om door te gaan op deze website, dan gaat u akkoord met het gebruik van cookies. Voor meer informatie.

Weber Saint-Gobain - Official website of the companyWeber Saint-Gobain - Official website of the company

webertec CMM 250

webertec CMM 250

Product voordelen

  • Perfect modelleerbaar tot 6 uur na aanmaak
  • Natte spuitmethode
  • Geen stofvorming
  • Weinig rebound
  • Cement
  • 2 mm korrel

webertec CMM 250 (C25-2/I) is een kant-en-klaar niet polymeer gemodificeerde, fabrieksmatig vervaardigde droge mortel, op basis van NEN-EN 206-1:2001 en CUR-Aanbeveling 53., sterkteklasse C20/25, 2 mm korrel.

webertec CMM 250 (C25-2/I) is een modelleerspuitbeton ten behoeve van het spuiten volgens de natte spuitmethode.

Kenmerken

Product eigenschappen

Creatieve modelleerspuitmortel ten behoeve van het spuiten volgens de natte spuitmethode, sterkteklasse C20/25, 2 mm korrel.

Toepassing

Modelleer Spuitmortel voor het modelleren en creatief vormgeven van:

  • Klimwanden
  • Rotspartijen
  • Kunstobjecten
  • Creatieve vormen binnen attractieparken
  • In- en outdoor objecten in winkelpanden

Leveringsvorm

  • Zak á 25 kg
  • Silo tot 21 ton (afhankelijk van de wettelijk toegestane gewichten)
  • Bulk tot 32 ton (afhankelijk van de wettelijk toegestane gewichten)

Certificeringen

webertec CMM 250 wordt geleverd onder "KOMO" Kwaliteitsverklaring.
Komo kwaliteitsverklaring nr. 701-jj-B,
BSB Certificaat 701-jj-BBK, vormgegeven bouwstof.
 

Technische informatie

Grondstoffen

  • Bindmiddel: portlandcement CEM I - wit (EN 197-1)
  • Toeslagmateriaal: harde dichte toeslagmaterialen (EN 12620)
  • Grootste korrelafmeting: 2 mm
  • Toevoegingen: vulstoffen
  • Hulpstoffen: een combinatie van additieven die de eigenschappen van de mortelspecie en mortel bepalen.

Eigenschappen mortelspecie

  • Waterbehoefte:14,5 - 15,5 % 
  • 3,6 - 3,9 liter/25kg
  • Spreidmaat: 160 mm (EN 1015-3)
  • Volumieke massa: 2100 kg/m³ (EN 1015-6)
  • Luchtgehalte: 5,5 % (EN 1015-7)
  • Uitlevering: 545 liter/ton
  • Verwerkingstijd: 30 minuten bij 20 °C. Bewerkingstijd ca. 5 uur bij 20 °C.

Eigenschappen verharde mortel

  • Volumieke massa: 2100 kg/m³ (28 dagen, EN 12390-7)
  • Buigtreksterkte:?3 dagen 3,5 N/mm² ( EN 1015-11)
    ?7 dagen 4,5 N/mm²
    ?28 dagen 6,5 N/mm²
  • Druksterkte:?3 dag 16 N/mm² ( EN 1015-11)
    ?7 dagen 25 N/mm²
    ?28 dagen 37 N/mm²
  • Krimp: < 1,0 mm/m (DIN 52 450)
  • Waterindringing: < 3 mm (ISO/DIS 7031)
    Proefstukafmeting : 40 x 40 x 160 mm, bewaaromstandigheid: 20 °C/onder water.


 

Verkrijgbaarheid

Op Aanvraag

Documentatie

Verstuur of download de documentatie

U kunt de documentatie naar een e-mailadres versturen of het downloaden.

Details

Kleuren

Diverse kleuren op aanvraag leverbaar.

Verbruik

Bij gebruik in het beoogde consistentieklassen, ca. 0,550 m³/ton

Dosering

Zakgoed:
Gebruik 3,6 - 3,9 liter leidingwater per 25 kg webertec CMM 250.

 

Bulk:

Leveringsvorm

  • Zak á 25 kg
  • Silo tot 21 ton (afhankelijk van de wettelijk toegestane gewichten)
  • Bulk tot 32 ton (afhankelijk van de wettelijk toegestane gewichten)

Verwerkingssystemen

Meng de mortelspecie bij voorkeur in een dwangmenger, of met een doorstroommenger.

Classificatie

Omschrijving volgens EN-206-1
Sterkteklasse: C20/25
Duurzaamheid: Milieuklasse X0,XC3,XD1,XF1,XA1
Verwerkbaarheid: Consistentie half plastisch
Grootste korrelafmeting: D-max 2 mm
 

Houdbaarheid

6 maanden houdbaar na productiedatum indien droog en vorstvrij opgeslagen in de originele en gesloten verpakking.

Gebruiksaanwijzing

Gebruiksaanwijzing

Voorbereiding

Voorbehandelen ondergrond: maak de ondergrond geheel vrij van olie, vet en andere stoffen die nadelig zijn voor de hechting. Gladde oppervlaktes dienen te worden opgeruwd door middel van hakken, boucharderen en of waterstralen om een voldoende ruw oppervlak te verkrijgen in verband met optimale aanhechting. Bevochtig de ondergrond goed voor met water of gebruik een hechtprimer.

Aanmaken

Waterhoeveelheid: gebruik 3,6 - 3,9 liter leidingwater voor 25 kg mortel. Mengen (Saint-Gobain Weber Beamix equipement): meng, overeenkomstig de handleiding behorende bij het desbetreffende systeem. Meng de modelleerspuitmortel bij voorkeur in een dwangmenger. Breng circa 75% van de benodigde hoeveelheid water in de menger. Voeg dan de droge mortel toe in de menger. Voeg daarna de resterende hoeveelheid water toe zodat de juiste verwerkbaarheid wordt verkregen. Meng gedurende ca. 3 minuten zodat een klontvrij plastisch homogeen mengsel is verkregen.

Verwerken

Verwerken volgens de natte spuitmethode, spraymethode. Verwerk de modelleerspuitmortel tussen de 5ºC en 30ºC. Verwerking beneden 5ºC heeft een negatieve reactie op de hydratatiesnelheid van cement. Werk niet op een bevroren ondergrond. Minimale laagdikte in één arbeidsgang aan te brengen is 15 mm. Dikkere lagen in meerdere arbeidsgangen aanbrengen. Maximaal aan te brengen laagdikte is geheel afhankelijk van de aard van de constructie en de conditie waaronder wordt gespoten. Bij het gebruik van een curing compound op een eerste laag waar nog een tweede laag over aangebracht wordt moet de gebruiker er zich van overtuigen dat dit geen nadelige gevolgen voor de hechting tussen de twee lagen heeft. Afwerken De mortel is minimaal 4 uur plastisch. Gedurende deze tijd kan de mortel worden vervormt en gemodelleerd. daarna is de mortel nog gedurende 2 uur, door krabben met troffel of spaan, te vormen en glad te strijken. Met betrekking tot afwerkmethodes zoals; uitwassen, uitspoelen en inkleuren met slurry kunnen deze de eigenschappen van het verharde product negatief beïnvloeden. Gedurende de periode dat het oppervlak nog bewerkt en afgewerkt wordt, moet de mortelspecie beschermd worden tegen vroegtijdig uitdrogen, door te benevelen met water of afdekken met plastic folie. In verband met de vertragende werking van de mortelspecie, kan deze de eerste 12 uur nauwelijks vervorming of spanning opnemen. Belastingen gedurende deze periode moet dan ook worden vermeden.

Nabehandelen

Bescherm het gespoten of afgewerkte morteloppervlak tegen tocht en uitdroging door afdekken met vochtig jutte of plastic folie (minimaal 7 dagen). Indien het afdekken van de gespoten delen met folie niet mogelijk is, is regelmatig bevochtigen van het afgewerkte oppervlak een alternatief. Het gebruik van curing compound behoort eveneens tot de mogelijkheden, let hierbij op dat sommige curing compounds nadelig effect kunnen hebben op de aanhechting van eventueel later aan te brengen afwerklagen. Bescherm het betonoppervlak tegen bevriezing.

Reinigen

Het gebruikte gereedschap kan met water worden gereinigd. Verhard materiaal kan alleen mechanisch worden verwijderd.