Wij gebruiken cookies om er voor te zorgen dat u onze website optimaal kunt gebruiken. Bezoekt u onze website, dan gaat u akkoord met deze cookies.
Als u klikt om door te gaan op deze website, dan gaat u akkoord met het gebruik van cookies. Voor meer informatie.

Weber Saint-Gobain - Official website of the companyWeber Saint-Gobain - Official website of the company

Diagnose van de ondergrond

De 5 noodzakelijke stappen:

De hechting van de dekvloer- of egalisatiemortel hangt af van de kwalitatieve voorbereiding van de ondergrond en de vooraf gemaakte diagnose. Hieronder volgen de middelen om de diagnose uit te voeren. De ondergrond dient steeds hard, cohesief, stabiel, zuiver, droog en voldoende poreus te zijn

1 - Hardheid

Hoe de hardheid van de ondergrond controleren ?

De ondergrond dient hard en resistent te zijn om scheurvorming en loskomen van de tegels te voorkomen.

De hardheid van de ondergrond testen door met een nagel op meerdere plaatsen te krassen. De krassen mogen niet meer dan oppervlakkig zijn.

Tevens de hardheid van de bestaande dekvloeren (magere, verbrande dekvloer, ...) op de totale dikte onderzoeken. De dekvloer dient cohesief te zijn.

Indien de ondergrond niet hard genoeg is, deze verwijderen om op een toegelaten onderlaag uit te komen.

2 - Hechting

Hoe de goede hechting van de bestaande bekleding controleren?

Bestaande bekledingen dienen volledig te hechten om loskomen te voorkomen.

  • Verlijmde of in de mortel gelegde bekledingen.

De hechting van de bestaande tegels of hard vinyl met hamer of plamuurmes onderzoeken.

Alle holklinkende delen verwijderen of (bij tegels) opnieuw vastzetten.

  • Verf

Om de hechting van een verf te testen, een kruisproef uitvoeren door in de verf te kerven met een mes.

Vakjes van 2 x 2 mm kerven op een totale oppervlakte van 10 x 10 cm.

De verf wordt als hechtend beschouwd indien 80% van de vierkantjes blijven hechten. Zoniet, de verf schuren of verwijderen.

3 - Stabiliteit

Hoe de stabiliteit van de ondergrond controleren?

De ondergrond dient stabiel te zijn om scheuren in de vloermortel te voorkomen die een zwelling of het loskomen van de dunne bekleding met zich meebrengen.

Het gaat hier vooral om houten plankenvloeren of houten platen, geplaatst op vloerbalken.

De vloerplanken of houten platen mogen niet bewegen wanneer erop gelopen wordt.

Bij gebrek aan stabiliteit, de vloerplanken vastzetten en indien nodig waterbestendige houten platen aanbrengen. De draagstructuur eventueel verstevigen. Nakijken of er aan de zijde van of onder de plankenvloer verluchting mogelijk is om schade aan het hout te voorkomen.

4 - Porositeit

Hoe de porositeit van cementgebonden ondergronden controleren?

De cementgebonden ondergrond dient normaal poreus te zijn om luchtbelvorming in de vloermortel en een te snelle uitdroging te vermijden.

De ondergrond ontstoffen en minimaal de ondergrond met water bevochtigen.

Indien het water binnen de minuut geabsorbeerd wordt, beschouwt men de ondergrond als te poreus. Behandel de vloer voor met weber.floor 4716.

5 - zuiverheid

Hoe de ondergrond reinigen en voorbereiden?

De ondergrond dient zuiver te zijn om een goede hechting van de vloermortel te krijgen.

Gipssporen

Gipssporen verwijderen met een plamuurmes, de ondergrond zorgvuldig ontstoffen en nadien voorbehandelen met primer.

Lijmresten

Lijmresten verwijderen zodat ze geen dun laagje meer vormen; enkel een verkleuring van het oppervlak geven. De ondergrond zorgvuldig ontstoffen en nadien voorbehandelen met primer.

Vernis, boenwas, verf

Vernis of boenwas verwijderen. Verf reinigen. De ondergrond zorgvuldig ontstoffen en nadien voorbehandelen met primer.